ECLI:NL:RVS:2005:AR8734
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- J.E.M. Polak
- C.H.M. van Altena
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over weigering uitwegvergunning in woonerfgebied Tilburg
Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg verleende op 18 januari 2002 een uitwegvergunning voor een perceel in Tilburg, maar herroept deze later en weigert alsnog de vergunning. De rechtbank Breda vernietigde deze weigering en bepaalde dat het college een nieuwe beslissing moest nemen. Zowel het college als appellanten gingen in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelt dat appellanten sub 2 en de bewonersvereniging terecht als belanghebbenden zijn aangemerkt vanwege hun directe betrokkenheid bij de uitweg en het woonerf. Het college mocht de belangen van de aanvrager, zoals bereikbaarheid en financiële belangen, betrekken bij de afweging.
De weigering van de vergunning was hoofdzakelijk gebaseerd op vermeend gevaar voor het doelmatig en veilig gebruik van de weg, een woonerf. De Raad stelt echter vast dat het betreffende deel van de weg juridisch weliswaar een woonerf is, maar feitelijk geen onderdeel daarvan vormt. Het college heeft zijn oordeel niet voldoende onderbouwd met onderzoek, terwijl wisselende standpunten van verkeerskundigen niet deugdelijke motivering vormen.
Daarom bevestigt de Raad van State de uitspraak van de rechtbank Breda dat de weigering van de uitwegvergunning onterecht is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.