ECLI:NL:RVS:2004:AS4582
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- B. van Wagtendonk
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel na hoger beroep
De Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie heeft op 21 maart 2003 de aanvragen van appellanten om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen afgewezen. Appellanten hebben hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank 's-Gravenhage, die bij uitspraak van 19 juli 2004 het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens hebben appellanten hoger beroep ingesteld bij de Raad van State.
De Raad van State heeft het hoger beroep behandeld en geoordeeld dat de aanvullingen op het hoger beroep binnen de gestelde termijn zijn ingediend, waardoor deze als één hoger-beroepschrift worden behandeld. De inhoudelijke grieven van appellanten bieden geen aanleiding tot vernietiging van het bestreden vonnis, mede omdat deze geen vragen oproepen die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of algemene rechtsbescherming.
De Raad van State verklaart het hoger beroep kennelijk ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan in het openbaar op 22 november 2004.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel en verklaart het hoger beroep ongegrond.