ECLI:NL:RVS:2004:AP3223
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- S. Zwemstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking erkenning keuringsplaats APK door RDW na bezwaar en beroep
De Algemeen Directeur van de Dienst Wegverkeer (RDW) trok op 17 januari 2003 de erkenning van appellant voor het uitvoeren van APK-keuringen definitief in. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigde het besluit van 10 maart 2003 waarbij het bezwaar ongegrond werd verklaard. Vervolgens wijzigde de RDW de sanctie in een tijdelijke intrekking van twaalf weken.
De voorzieningenrechter van de rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde daarop hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening. De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak behandelde de zaak en oordeelde dat nader onderzoek niet nodig was en dat onmiddellijke uitspraak in de hoofdzaak kon worden gedaan.
De Voorzitter stelde vast dat de sanctie, gelet op de ernst van de overtreding, niet onevenredig was en dat appellant onvoldoende gronden had aangevoerd voor verdere matiging of afzien van sanctie. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen, waardoor de intrekking van de erkenning blijft gehandhaafd.