ECLI:NL:RVS:2004:AP1589
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Boll
- B.J. van Ettekoven
- P.C.E. van Wijmen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning hondenpension en veehouderij wegens onvoldoende geluidsonderzoek
Bij besluit van 12 mei 2003 verleende het college van burgemeester en wethouders van Leidschendam-Voorburg een vergunning voor het veranderen van een inrichting voor een hondenpension en veehouderij. Tevens werden de voorschriften van een eerdere revisievergunning uit 1995 ambtshalve gewijzigd. Appellanten stelden meerdere bezwaren tegen het besluit, waaronder procedurele fouten en inhoudelijke bezwaren over milieuaspecten zoals ammoniakdepositie, stankhinder en geluidsoverlast.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het besluit bevoegd was genomen en dat de procedure correct was gevolgd. Ook werden de bezwaren over ammoniakdepositie en stankhinder ongegrond verklaard. Wel werd geoordeeld dat het akoestisch onderzoek naar geluidhinder onvoldoende representatief was, omdat het slechts een eenmalige telling betrof met een kleiner aantal honden dan in de praktijk aanwezig zouden zijn, en de veehouderijactiviteiten niet waren meegenomen.
Hierdoor was het besluit niet zorgvuldig voorbereid en onvoldoende gemotiveerd in strijd met de Algemene wet bestuursrecht. Gezien het belang van het geluidaspect voor de vergunningverlening werd het gehele besluit vernietigd. Tevens werd het college veroordeeld tot betaling van proceskosten aan appellanten.
Uitkomst: Het besluit tot vergunningverlening en ambtshalve wijziging wordt vernietigd vanwege onvoldoende en niet-representatief geluidsonderzoek.