ECLI:NL:RVS:2003:AO0310
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- B. van Wagtendonk
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Weigering legalisatie geboortebewijs wegens twijfel aan juistheid inhoud
Appellante verzocht de minister van Buitenlandse Zaken om legalisatie van een geboortebewijs ten behoeve van haar dochter. De minister weigerde dit omdat het geboortebewijs onjuiste gegevens bevatte, met name een onjuiste vermelding van de aangever, en er twijfel bestond over de juistheid van de inhoud op basis van een verificatieonderzoek.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, en de Raad van State bevestigde dit in hoger beroep. De Raad oordeelde dat de minister terecht twijfelde aan de betrouwbaarheid van het geboortebewijs, mede omdat de aangeleverde verklaringen van familieleden niet als objectieve schriftelijke bronnen konden worden aangemerkt.
Appellante voerde onder meer aan dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat bij het geboortebewijs van haar zoon wel correcties waren toegestaan, en dat haar belangen onevenredig werden geschaad door de weigering, mede gelet op het recht op gezinsleven. Deze bezwaren werden verworpen omdat er geen sprake was van gelijke gevallen en het belang van legalisatie en betrouwbaarheid van documenten zwaarder woog.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de minister om het geboortebewijs te legaliseren wegens twijfel aan de juistheid van de inhoud.