ECLI:NL:RVS:2003:AI1228
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Kosto
- J.R. Schaafsma
- J.J. Vis
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning ontgronding in natuurgebied vanwege strijd met bestemmingsplan en onvoldoende planologische medewerking
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant verleende op 16 juli 2002 een vergunning aan Grontmij Advies en Techniek B.V. voor het ontgronden van percelen in het natuurgebied de Maashorst. Appellant, exploitant van een agrarisch bedrijf nabij het gebied, stelde dat de ontgronding in strijd was met het bestemmingsplan en dat de gemeenteraad geen planologische medewerking had verleend. Tevens vreesde appellant negatieve gevolgen voor het dassenleefgebied en stelde dat onvoldoende onderzoek naar flora en fauna was verricht.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de ontgronding een verslechtering van het dassenleefgebied betekent, omdat grasland dat als fourageergebied dient, wordt verwijderd. Dit is in strijd met de bestemmingsplanvoorschriften die gericht zijn op instandhouding van het dassenleefgebied. Verder bleek dat de gemeenteraad van Landerd geen planologische medewerking had verleend, zoals vereist volgens artikel 10, achtste lid, van de Ontgrondingenwet.
Daarom werd het bestreden besluit vernietigd. De overige beroepsgronden werden niet behandeld vanwege het gegrond verklaren van het beroep op dit punt. Het college van gedeputeerde staten werd veroordeeld tot betaling van proceskosten en vergoeding van het griffierecht aan appellant.
Uitkomst: De vergunning voor ontgronding in het natuurgebied is vernietigd wegens strijd met het bestemmingsplan en het ontbreken van planologische medewerking.