ECLI:NL:RVS:2002:AF1756
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.C.K.W. Bartel
- G.A. Posthumus
- J.G.C. Wiebenga
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning varkenshouderij wegens onvoldoende individuele beoordeling depositie natuurgebied
De zaak betreft een vergunningaanvraag voor een varkenshouderij nabij een beschermd natuurmonument, de Deurnese Peel. Na eerdere procedures verleende de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij op 6 juni 2001 een vergunning onder voorwaarden voor een maximale ammoniakdepositie van 8721,3 mol per hectare per jaar. De Werkgroep Behoud de Peel en appellant sub 2 stelden beroep in tegen dit besluit.
De Raad van State oordeelde dat appellant sub 2 zijn beroep buiten de termijn had ingediend en verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk. De Werkgroep voerde aan dat de vergunning onterecht was verleend zonder vastlegging van het aantal en soort dieren en het stalsysteem, en dat de schadelijkheid van de depositie onvoldoende was beoordeeld. De Raad bevestigde dat alleen de depositie relevant is voor de Natuurbeschermingswet en dat het aan de vergunninghouder is om het bedrijf zo in te richten dat de depositie binnen de vergunde grenzen blijft.
Het beleidskader vereist een individuele beoordeling indien de ammoniakdepositie hoger is dan 600 mol per hectare per jaar. De vergunde depositie overschrijdt deze grens ruimschoots, maar uit het besluit en de stukken blijkt dat geen individuele beoordeling heeft plaatsgevonden. Dit leidt tot strijd met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Daarom vernietigt de Raad het besluit en veroordeelt de Staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan de Werkgroep.
Uitkomst: Het besluit tot vergunningverlening wordt vernietigd wegens het ontbreken van een vereiste individuele beoordeling van ammoniakdepositie.