ECLI:NL:RVS:2002:AE9109
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- B. van Wagtendonk
- M. Vlasblom
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig genomen besluit in vreemdelingenrecht
In deze zaak heeft een vreemdeling beroep ingesteld tegen het uitblijven van een beslissing op een verzoek om het COA te adviseren haar verstrekkingen opnieuw te laten ontvangen. De voorzieningenrechter had dit beroep gegrond verklaard en de staatssecretaris opgedragen binnen een week te beslissen.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het verzoek van de vreemdeling feitelijk strekte tot wijziging van een algemeen verbindend voorschrift, namelijk een onderdeel van de Vreemdelingencirculaire 2000 dat door de Regeling verstrekkingen asielzoekers 1997 tot algemeen verbindend voorschrift was gemaakt.
Omdat tegen algemeen verbindende voorschriften geen beroep openstaat op grond van artikel 8:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, kon het verzoek niet als een besluit worden aangemerkt waartegen beroep mogelijk is. De Afdeling vernietigde daarom de uitspraak van de voorzieningenrechter en verklaarde het beroep van de vreemdeling niet-ontvankelijk.
Er werden geen proceskosten toegewezen. De uitspraak is gedaan door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 9 augustus 2002.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het verzoek strekt tot wijziging van een algemeen verbindend voorschrift.