ECLI:NL:RVS:2002:AD8986
Raad van State
- Hoger beroep
- B. van Wagtendonk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging verstrekkingen op grond van Regeling Opvang Asielzoekers door gemeente Maastricht
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de gemeente Maastricht om de verstrekkingen op grond van de Regeling Opvang Asielzoekers (ROA) per 28 oktober 1999 te beëindigen. De burgemeester en wethouders verklaarden het bezwaar ongegrond, waarna appellant beroep instelde bij de rechtbank. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. Appellant stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Appellant voerde aan dat het oorspronkelijke besluit niet bevoegdelijk was genomen en dat de rechtbank in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel handelde door dit niet te beoordelen. De Afdeling oordeelde dat de beslissing op bezwaar door het bevoegde orgaan (burgemeester en wethouders) het bevoegdheidsgebrek in het oorspronkelijke besluit heeft hersteld. Hierdoor had appellant geen belang meer bij beoordeling van de bevoegdheid van het eerste besluit.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak op 9 januari 2002.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.