ECLI:NL:RVS:2001:AD3794
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H.B. van der Meer
- G.A.A.M. Boot
- Rechtspraak.nl
Afwijzing toevoegingsverzoek voor verweer in hoger beroep tegen wijziging RWW-uitkering
C had een toevoeging verkregen voor een procedure bij de rechtbank tegen een besluit van burgemeester en wethouders van Groningen waarbij zijn RWW-uitkering werd gewijzigd van alleenstaande naar gehuwde. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit. Burgemeester en wethouders stelden vervolgens hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep op nader aan te voeren gronden. C vroeg opnieuw om toevoeging voor het voeren van verweer in dit hoger beroep.
De raad voor rechtsbijstand weigerde deze toevoeging omdat het rechtsbelang hetzelfde was en de toevoeging al was verleend voor de eerdere procedure. De rechtbank oordeelde anders en vernietigde het besluit van de raad, maar de Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat volgens artikel 32 van Pro de Wrb toevoeging slechts geldt voor één procedure bij één instantie en dat het hoger beroep op nader aan te voeren gronden geen nieuwe procedure vormt.
De Afdeling oordeelde dat de raad terecht het verzoek om toevoeging had afgewezen omdat het niet aannemelijk was dat de toevoeging voor een andere procedure zou worden gebruikt. Tevens werd de proceskostenveroordeling van de rechtbank aangepast vanwege samenhangende zaken. Het beroep van C op het gelijkheidsbeginsel faalde. De Afdeling veroordeelde de raad voor rechtsbijstand in de proceskosten van C voor het beroep tegen het eerste besluit.
Uitkomst: Het verzoek om toevoeging voor het voeren van verweer in hoger beroep is afgewezen omdat het rechtsbelang hetzelfde is en de toevoeging niet voor een andere procedure wordt gebruikt.