ECLI:NL:RBZWB:2026:6353
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking beroep omgevingsvergunning bouw drie woningen
Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van 15 oktober 2024, waarbij een omgevingsvergunning werd verleend voor de bouw van drie woningen. Het beroep richtte zich met name op het behoud van vijf openbare parkeerplaatsen nabij het bouwplan.
Tijdens de zitting op 28 november 2025 heeft het college een nieuwe situatietekening getoond waaruit bleek dat de vijf parkeervakken behouden konden blijven. Het college heeft vervolgens op 20 januari 2026 besloten deze tekening als onderdeel van de omgevingsvergunning toe te voegen. Hierdoor hebben verzoekers hun beroep ingetrokken.
De rechtbank heeft het verzoek van verzoekers om het college te veroordelen in de proceskosten toegewezen, omdat het college geheel aan hun verzoek is tegemoetgekomen. Het college had geen bijzondere omstandigheden aangevoerd om af te wijken van de hoofdregel dat bij gehele of gedeeltelijke tegemoetkoming proceskosten worden vergoed. De proceskostenvergoeding bedraagt €1.868,- en het college is tevens verplicht het griffierecht van €371,- te vergoeden.
Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten van €1.868,- en het griffierecht van €371,- aan verzoekers.