Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verdere procesverloop
- de in deze zaak gegeven beschikking van 10 februari 2026 en alle daarin genoemde stukken;
- de brief met bijlage van de GI van 29 april 2026, zijnde een brief van de Raad van 18 maart 2026 betreffende de toetsing voorgenomen besluit verlenging ondertoezichtstelling en machtiging uithuisplaatsing;
- het bericht met bijlagen van mr. Nederlof van 6 mei 2026, betreffende producties 1 tot en met 5;
- het bericht van mr. Nederlof van 6 mei 2026, betreffende het verzoek om aanwezigheid ter zitting van de begeleidster van de moeder.
- een vertegenwoordiger van de GI;
- een medewerkster namens de Raad.
2.De feiten
3.De (resterende) verzoeken
4.Het (nadere) standpunt van de GI
5.Het (nadere) standpunt van belanghebbende en het advies van de Raad
6.De (nadere) beoordeling
7.De beslissing
- degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.