Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
1: samen met anderen meerdere gestolen postpakketten in zijn bezit heeft gehad;
2: samen met anderen meerdere elektronische apparaten heeft witgewassen.
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
- Een gevangenisstraf van 1 maand voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren. Aan deze voorwaardelijke gevangenisstraf worden de bijzondere voorwaarden gekoppeld zoals hierna opgenomen in de beslissing;
- Een taakstraf van 150 uren. Als verdachte die straf niet of niet goed uitvoert, staat daar 75 dagen vervangende hechtenis tegenover. Voor iedere dag die verdachte eerder al in voorarrest heeft gezeten, gaan er 2 uren van deze taakstraf af. Die uren hoeft verdachte niet meer te werken.
- Een geldboete van € 1.900,00. Verdachte mag die boete betalen in 19 maandelijkse termijnen van elke keer € 100,00. Als hij die boete niet of niet helemaal betaalt, dan staat daar een vervangende hechtenis van 19 dagen tegenover.
7.Beslag
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan feit 1;
een gevangenisstraf van 1 maand voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaarden:
een taakstraf van 150 uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast van
75 dagen;
betaling van een geldboete van € 1.900,00;
vervangende hechteniszal worden toegepast van
19 dagen;
* 6 labels.
mr. A.L. Hoekstra, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J. van Eekelen, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 13 mei 2026.