ECLI:NL:RBZWB:2026:4021
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen rechterlijke beslistermijn en dwangsom in bestuursrechtelijke procedure gemeente Dongen
Opposanten hebben verzet ingesteld tegen de uitspraak van 11 februari 2026 waarin de rechtbank het beroep gegrond verklaarde en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dongen een beslistermijn van vier maanden en een dwangsom van €100 per dag oplegde.
De opposanten betwisten de door de rechtbank vastgestelde beslistermijn en de hoogte van de dwangsom, stellende dat het college te laat reageerde en onvoldoende actie ondernam. De rechtbank overweegt dat de omstandigheden van personeelsgebrek en vakantieperiode binnen de risicosfeer van het bestuursorgaan vallen, maar dat het onrealistisch is om de standaardtermijn op te leggen vanwege de complexiteit van de omgevingsvergunningprocedure.
Verder wijst de rechtbank het verzoek af om een hogere dwangsom op te leggen, omdat de aangevoerde weigerachtigheid onvoldoende is onderbouwd en verwijzingen naar andere zaken irrelevant zijn. Ook wordt het verzoek tot vaststelling van de hoogte van de bestuurlijke dwangsom afgewezen omdat dit niet tijdens de behandeling van het beroep is gevraagd.
De rechtbank concludeert dat het verzet ongegrond is en bevestigt de eerdere uitspraak, zonder toekenning van proceskosten. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzet tegen de rechterlijke beslistermijn en de opgelegde dwangsom wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak blijft in stand.