Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
1.1 Leerling-werknemer treedt met ingang van 1 augustus 2025 bij Werkgever in dienst. De leer-arbeidsovereenkomst wordt aangegaan voor de duur van de tegelijkertijd afgesloten beroepspraktijkvormingsovereenkomst in het kader van de beroepsbegeleidende leerweg, zoals bedoeld in de Wet educatie beroepsonderwijs.
Langs deze weg beëindig ik namens [werkgever] de Leer-Arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd (BBL), hierna: 'de OVK' die wij sloten op 16 juli 2025. De redenen zet ik in deze brief uiteen. De formele grondslag is dat in artikel 1.3 van de OVK staat dat deze duurt zolang er een beroepspraktijkvormingsovereenkomst is. Ik stel vast dat deze nimmer is gesloten en dat dat komt doordat jij de daartoe benodigde gegevens niet hebt aangeleverd aan school. Daarbij komt dat jij feitelijk de opleiding hebt beëindigd, althans dat je die helemaal nooit bent begonnen. De OVK is expliciet afhankelijk gemaakt van de opleiding omdat wij uitsluitend geschoolde mensen in kunnen en mogen zetten op jouw functie.”.
3.Het verzoek, het verweer en het tegenverzoek
4.De beoordeling van het verzoek
5.De beoordeling van het voorwaardelijk tegenverzoek
.