ECLI:NL:RBZWB:2026:3220
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar NOW-invordering wegens ontbrekende verzendadministratie
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de invordering van de vierde tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor het behoud van Werkgelegenheid (NOW 4, zesde tranche). De minister verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat het te laat was ingediend en geen gronden bevatte.
Eiseres stelde dat zij de herstelbrief van 11 september 2024, waarin zij de mogelijkheid kreeg om gronden alsnog in te dienen en de termijnoverschrijding toe te lichten, niet had ontvangen. De minister kon niet aantonen dat deze brief daadwerkelijk was verzonden, omdat er geen verzendadministratie bestond.
De rechtbank oordeelde dat de minister niet aannemelijk had gemaakt dat de brief was verzonden naar het juiste adres. Hierdoor kon niet worden vastgesteld of eiseres de gelegenheid had gehad om het verzuim te herstellen. Daarom was de niet-ontvankelijkverklaring onterecht en werd het bestreden besluit vernietigd.
De minister moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen op het bezwaar, het griffierecht en proceskosten aan eiseres vergoeden. Het beroep is gegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot niet-ontvankelijkheid van het bezwaar wordt vernietigd.