Uitspraak
2.De verzoeken
3.De beoordeling
kanzijn om met een bedrag lager dan het woonbudget te rekenen (Hoge Raad 16 april 2021, ECLI:NL:HR:2021:586). De man heeft zich op het standpunt gesteld dat de woonlasten van de vrouw duurzaam aanmerkelijk lager zijn dan het woonbudget, zodat rekening moet worden gehouden met haar werkelijke woonlasten ter hoogte van € 297,= per maand, bestaande uit rente betreffende de hypothecaire geldlening en verzekeringen. De vrouw heeft op zitting toegelicht dat haar woonlasten uit meer lasten bestaan dan enkel de door de man opgevoerde rente en verzekeringen. De rechtbank acht dit ook aannemelijk. Onder woonlasten vallen namelijk niet alleen de door de man genoemde lasten, maar ook gemeentelijke- en waterschapslasten, onderhoudskosten van de woning en eventuele lasten voor gas, water en licht die meer bedragen dan de vrouw vanuit de bijstandsnorm kan voldoen. Gelet daarop en op de hoogte van het woonbudget van de vrouw van € 725,= per maand, zal de rechtbank geen rekening houden met een bedrag lager dan het woonbudget.