Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
ex artikel 530 van Pro het Wetboek van strafvordering(Sv) ten laste van de Staat voor een bedrag van:
- € 894,61voor vergoeding van kosten rechtsbijstand;
- € 340,00 als forfaitaire vergoeding voor het opstellen en indienen van het verzoekschrift dan wel € 680,00 bij behandeling van het verzoekschrift in raadkamer;
- de schriftelijke reactie van de officier van justitie;
- de overige stukken in het raadkamerdossier.
2.De beoordeling
€ 894,61is naar het oordeel van de rechtbank in voldoende mate onderbouwd en het bedrag komt de rechtbank billijk voor. De rechtbank zal dit bedrag daarom toewijzen.
€ 340,00toekennen, aangezien de raadsvrouw niet ter zitting is verschenen.
3.De beslissing
€ 894,61aan kosten van rechtsbijstand;
€ 340,00de kosten verbonden aan de indiening van het verzoekschrift;
€ 1.234,61zal worden overgemaakt op [rekeningnummer] ten name van Stichting Derdengelden TDNL onder vermelding van “ [verzoeker] /OM”.