ECLI:NL:RBZWB:2026:1180
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding al betaalde schulden op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen
Eiseres, gedupeerde van de kinderopvangtoeslagaffaire, diende een aanvraag in voor vergoeding van al betaalde schulden op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht). De minister wees deze aanvraag af omdat de schulden vóór ontvangst van compensatie waren voldaan en niet voldeden aan de wettelijke voorwaarden, waaronder het ontbreken van schuldbewijzen en een notariële akte voor informele leningen.
De rechtbank oordeelt dat de minister terecht heeft geoordeeld dat alleen schulden die na ontvangst van compensatie zijn afgelost voor vergoeding in aanmerking komen. Eiseres betoogde dat ook schulden die vóór ontvangst van compensatie zijn betaald vergoed moeten worden, maar dit verweer faalt op grond van de tekst en de parlementaire geschiedenis van de Wht.
Verder stelde eiseres dat zij schulden niet dubbel had ingediend, maar de rechtbank volgt de minister in de conclusie dat sommige schulden dubbel zijn aangemeld binnen een schuldbemiddelingstraject. Ook het beroep op de hardheidsclausule en het betwisten van de eis van een notariële akte voor informele leningen worden verworpen, omdat de wetgever deze eis bewust heeft gesteld en er geen bijzondere omstandigheden zijn die toepassing ervan in dit geval onbillijk maken.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om vergoeding van de al betaalde schulden af. Eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding en het griffierecht wordt niet teruggegeven.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de vergoeding van al betaalde schulden.