Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van 1 december 2025 van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , uit [plaats] , eiser
Samenvatting
Feiten en omstandigheden
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
- Is er sprake van toegenomen beperkingen?
- Zo ja, vloeien deze voort uit dezelfde ziekteoorzaak (causaliteitsvereiste)?
- Zo ja, heeft de toename van deze beperkingen uit dezelfde oorzaak plaatsgevonden binnen vijf jaar na weigering, herziening of intrekking?
huidigebeperkingen (dus eind 2023/ begin 2024) als gevolg van het ongeval, maar zegt niets over een mogelijke toename van klachten of beperkingen in de periode in geding. Een toename van psychische klachten blijkt ook niet uit de diagnose dysthyme stoornis, omdat de huisarts in 2018 al een depressie had vastgesteld.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het besluit van 27 mei 2024;
- draagt het UWV op binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met inachtneming van deze uitspraak;
- veroordeelt het UWV tot betaling van € 500,- aan immateriële schadevergoeding aan eiser;
- bepaalt dat het UWV het griffierecht van € 51,- aan eiser moet vergoeden;
- veroordeelt het UWV tot betaling van € 3.561,50 aan proceskosten aan eiser.