ECLI:NL:RBZWB:2025:8044
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid bevestigd
Eiser werkte als schoonmaker en viel uit met psychische en lichamelijke klachten, waaronder suikerziekte en claudicatio intermittens. Het UWV kende hem een Ziektewetuitkering toe, maar beëindigde deze per 22 augustus 2023 na een eerstejaarsbeoordeling waarin werd vastgesteld dat eiser minder dan 35% arbeidsongeschikt is.
De rechtbank beoordeelde het beroep van eiser tegen deze beëindiging. Medisch onderzoek door verzekeringsartsen toonde beperkingen, maar niet in die mate dat eiser volledig arbeidsongeschikt is. Eiser stelde dat hij meer beperkingen heeft, waaronder psychische klachten en taalproblemen, en verwees naar het Korosec-arrest voor onzorgvuldig onderzoek. De rechtbank liet een psychiater nader onderzoek doen, maar eiser verscheen niet op de afspraken, wat voor zijn rekening en risico blijft.
De arbeidsdeskundigen stelden dat eiser geschikt is voor drie eenvoudige functies, ondanks zijn beperkte opleiding en taalvaardigheid. De rechtbank vond dit aannemelijk en oordeelde dat de mate van arbeidsongeschiktheid juist is vastgesteld. Omdat eiser minder dan 35% arbeidsongeschikt is, is het recht op Ziektewetuitkering vervallen.
Het beroep werd ongegrond verklaard en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter J.W. Ponds op 18 november 2025 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de beëindiging van de Ziektewetuitkering per 22 augustus 2023 wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid.