Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 oktober 2025 in de zaak tussen
[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende
de heffingsambtenaar van de gemeente Tilburg, de heffingsambtenaar.
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep niet-ontvankelijk voor zover het is gericht tegen het niet tijdig nemen van een dwangsombeschikking;
- verklaart het beroep gegrond voor zover het ziet op de dwangsombeschikking van 30 mei 2025;
- vernietigt de dwangsombeschikking van 30 mei 2025;
- stelt de door de heffingsambtenaar te betalen dwangsom vast op € 276,-;
- veroordeelt de heffingsambtenaar om de wettelijke rente over dit bedrag aan belanghebbende te betalen, vanaf 25 maart 2025 tot de dag waarop het bedrag is betaald;
- bepaalt dat de heffingsambtenaar het griffierecht van € 53,- aan belanghebbende moet vergoeden;
- veroordeelt de heffingsambtenaar tot betaling van € 453,50 aan proceskosten aan belanghebbende;
- beslist dat voor zover de proceskostenvergoeding en het te vergoeden griffierecht niet tijdig worden betaald, de wettelijke rente daarover is gaan lopen vier weken na de datum waarop deze uitspraak is gedaan.