ECLI:NL:RBZWB:2025:6306
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroepen tegen naheffingsaanslagen parkeerbelasting gemeente Breda
Belanghebbende heeft vijf naheffingsaanslagen parkeerbelasting ontvangen voor het parkeren van een auto met een nieuw kenteken aan de Vuchtstraat te Breda in 2024. Hoewel belanghebbende beschikte over een parkeervergunning, was deze vergunning gekoppeld aan een ander kenteken en niet aan het voertuig waarmee werd geparkeerd.
Belanghebbende stelde dat hij het oude kenteken had verwijderd en het nieuwe had toegevoegd in het parkeersysteem, in de veronderstelling dat het reeds betaalde parkeergeld automatisch zou gelden. De rechtbank overweegt dat parkeerbelasting direct bij het parkeren verschuldigd is en dat parkeren met een vergunning alleen geldt indien aan alle voorschriften wordt voldaan, waaronder de koppeling van de vergunning aan het juiste kenteken.
De rechtbank stelt vast dat belanghebbende niet aan deze voorwaarden voldeed en dat de naheffingsaanslagen terecht zijn opgelegd. Drie van de aanslagen zijn uit coulance vernietigd door de heffingsambtenaar. De rechtbank verklaart de beroepen tegen de overige aanslagen ongegrond en bepaalt dat belanghebbende geen griffierecht of proceskosten vergoed krijgt.
Uitkomst: De beroepen tegen twee naheffingsaanslagen parkeerbelasting worden ongegrond verklaard en de aanslagen blijven in stand.