ECLI:NL:RBZWB:2025:4484
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag BPM na herbeoordeling handelsinkoopwaarde beschadigde auto
Belanghebbende, een vennootschap onder firma, deed op 31 juli 2020 aangifte voor BPM van een Volkswagen Transporter Multivan met een aanvankelijk betaalde BPM van €5.909. De inspecteur legde een naheffingsaanslag van €5.387 op, welke werd gehandhaafd na bezwaar. De rechtbank beoordeelde het beroep op 17 juni 2025.
De kern van het geschil betrof de handelsinkoopwaarde in beschadigde staat van het voertuig. Belanghebbende en inspecteur presenteerden elk een taxatierapport, maar de rechtbank verwierp beide onderzoeken wegens gebrekkige onderbouwing en onduidelijkheden in referentievoertuigen. De rechtbank stelde de handelsinkoopwaarde in goede justitie vast op €34.000.
Op basis hiervan werd de verschuldigde BPM berekend op €9.758, verminderd met reeds betaalde €5.909, resulterend in een naheffingsaanslag van €3.849. Daarnaast kende de rechtbank belanghebbende een immateriële schadevergoeding toe van €2.000 wegens overschrijding van de redelijke termijn, waarvan €1.714 voor rekening van de inspecteur en €286 voor de Staat. Tevens werd de inspecteur veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De naheffingsaanslag BPM wordt verminderd tot €3.849 en belanghebbende krijgt immateriële schadevergoeding en proceskosten toegekend.