ECLI:NL:RBZWB:2025:2393
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag BPM na geschil over waardering en afschrijving voertuig
Belanghebbende deed aangifte BPM voor een Volkswagen Tiguan met een betaalde BPM van €7.402, gebaseerd op een taxatierapport met een handelsinkoopwaarde in beschadigde staat. De inspecteur hertaxeerde de waarde aanzienlijk hoger en legde een naheffingsaanslag van €7.125 op, welke het bezwaar ongegrond verklaarde.
De rechtbank oordeelde dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat sprake was van meer dan normale gebruiksschade, waardoor de afschrijving niet via de taxatiemethode kon plaatsvinden maar via de koerslijstmethode. De historische nieuwprijs werd vastgesteld op €68.583 en de handelsinkoopwaarde op €43.233, wat resulteerde in een verschuldigde BPM van €13.474. Na verrekening van reeds betaalde BPM werd de naheffingsaanslag verminderd tot €6.072.
Daarnaast werd een immateriële schadevergoeding toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn van procedure, waarbij de inspecteur en de Staat gezamenlijk aansprakelijk werden gesteld. De rechtbank veroordeelde de inspecteur tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. De uitspraak werd gedaan door rechter S.J. Willems-Ruesink op 23 april 2025.
Uitkomst: De naheffingsaanslag BPM wordt verminderd tot €6.072 en immateriële schadevergoeding en proceskosten worden toegekend aan belanghebbende.