Belanghebbende is geconfronteerd met een naheffingsaanslag parkeerbelasting van €56,77 wegens het niet voldoen van parkeerbelasting tijdens het parkeren op een parkeerplaats aan de Tivolistraat te Tilburg op 11 augustus 2023. De heffingsambtenaar stelde dat ook een korte parkeertijd als parkeren geldt en dat belanghebbende een onderzoeksplicht had om zich te informeren over de tarieven.
Belanghebbende voerde aan dat hij slechts kortstondig geparkeerd stond en dat zijn vriendin bij de parkeerautomaat zag dat alleen een dagtarief van €16,50 mogelijk was, wat te duur werd gevonden. Hij was niet bekend met de Tilburgse parkeerregelingen en vertrok vrijwel direct weer.
De rechtbank oordeelt dat het stilstaan van het voertuig in het parkeervak voldoet aan het begrip parkeren zoals bedoeld in de Gemeentewet en dat het niet onmiddellijk in- of uitstappen niet is gebleken. De onderzoeksplicht rust op belanghebbende, die ook had moeten nagaan welk tarief gold. Omdat de parkeerbelasting niet is voldaan, is de naheffingsaanslag terecht opgelegd.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, de naheffingsaanslag blijft gehandhaafd, en belanghebbende krijgt geen griffierecht of proceskosten vergoed.