Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 437,50
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het rijden met 14 km/u te hard op de A58 buiten de bebouwde kom. Betrokkene voerde aan dat zij vanwege een hulpverleningsvoertuig met sirenes moest uitwijken en daardoor de snelheid overschreed, en beriep zich op overmacht.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, maar betrokkene stelde beroep in bij de kantonrechter. De kantonrechter stelde vast dat de overtreding vaststaat op basis van de verklaring van de verbalisant en dat het beroep op overmacht niet overtuigend was.
Wel werd vastgesteld dat de officier van justitie de hoorplicht had geschonden door betrokkene niet te horen, wat strijdig is met de wet. Dit leidde tot vernietiging van de eerdere beslissing en matiging van de boete met 25%. Tevens werd een proceskostenvergoeding toegekend aan betrokkene.
Uitkomst: Beroep gedeeltelijk gegrond verklaard, boete met 25% gematigd en proceskostenvergoeding toegekend.