Partijen hadden een relatie van 2013 tot januari 2023 en kregen samen twee minderjarige kinderen met Poolse nationaliteit, woonachtig in Nederland. De vrouw verzocht de rechtbank om voor recht te verklaren dat zij alleen het gezag over de kinderen uitoefent en om vaststelling van een onderhoudsbijdrage door de man.
De rechtbank oordeelde dat Nederlands recht van toepassing is op het gezag, omdat de kinderen hun gewone verblijfplaats in Nederland hebben. Aangezien partijen niet gehuwd zijn en de erkenningen van de man vóór 1 januari 2023 plaatsvonden, oefent de vrouw van rechtswege het eenhoofdig gezag uit. De man voerde geen verweer.
Ten aanzien van de alimentatie stelde de rechtbank vast dat de behoefte van de kinderen €1.215 bedraagt en de draagkracht van de man €734. Omdat de man geen aandeel heeft in de zorg, werd een zorgkorting van 0% toegepast. De man moet daarom €734 per maand bijdragen, oftewel €367 per kind, ingaande 1 november 2023.
De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het verzoek tot gezag en alimentatie wordt toegewezen, het overige afgewezen.