Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
€ 379,81
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De zaak betreft een geschil tussen huurder en verhuurder van een bedrijfsruimte, waarbij de verhuurder ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming vordert wegens een huurachterstand van meer dan drie maanden. De huurder exploiteert een eethuis in het gehuurde en heeft al jaren betalingsachterstanden. De verhuurder vordert tevens betaling van achterstallige huur, incassokosten, wettelijke rente, herstel van schade aan het gehuurde en vervanging van containers.
De huurder voert verweer met het argument van financiële problemen door ziekte en betwist enkele vorderingen, waaronder de hoogte van de huurachterstand en kosten voor schadeherstel. Daarnaast vordert de huurder in reconventie herstel van gebreken aan het gehuurde en vergoeding van kosten voor vervanging van een koelkast.
De kantonrechter oordeelt dat de huurachterstand van € 5.627,80 over de periode april 2023 tot maart 2024 voldoende is onderbouwd en wijst deze toe. De langdurige en herhaalde betalingsachterstanden rechtvaardigen ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming binnen twee weken. De gevorderde machtiging voor ontruiming door de verhuurder zelf wordt afgewezen omdat dit niet wettelijk is toegestaan.
Wat betreft schadeherstel wordt de vordering tot herstel van het plafond afgewezen wegens gebrek aan belang, maar herstel van het kozijn, de dorpel en de dakkapel wordt toegewezen. De vordering voor vervanging van containers wordt afgewezen wegens gebrek aan belang na ontbinding. De kosten van de verwarmingsmonteur worden toegewezen, evenals buitengerechtelijke incassokosten. De vordering van de huurder tot vergoeding van de koelkastkosten wordt deels toegewezen (€ 100,-), terwijl de montagekosten worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Proceskosten worden toegewezen aan de verhuurder in conventie, terwijl in reconventie de kosten worden gecompenseerd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en is op 1 mei 2024 gewezen door de kantonrechter Karsten-Badal.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en de huurder veroordeeld tot ontruiming en betaling van achterstallige huur, kosten en herstel van schade.