ECLI:NL:RBZWB:2024:1647
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaard beroep tegen vaststelling WOZ-waarde woning te Middelburg
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de WOZ-waarde van zijn woning te Middelburg, vastgesteld op €136.000 per 1 januari 2021. Hij stelde dat de waarde maximaal €120.000 zou moeten zijn vanwege gedateerde voorzieningen, achterstallig onderhoud en nadelige ligging.
De heffingsambtenaar onderbouwde de waarde met een taxatierapport waarin de vergelijkingsmethode werd toegepast met referentiewoningen in dezelfde straat. De rechtbank oordeelde dat de gebruikte referentiewoningen voldoende vergelijkbaar waren en dat de heffingsambtenaar adequaat rekening had gehouden met verschillen zoals onderhoud en uitstraling.
De rechtbank verwierp het beroep omdat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de waarde te hoog was vastgesteld. Ook werd geoordeeld dat waardeveranderingen ten opzichte van voorgaande jaren niet relevant zijn voor de waardebepaling.
De WOZ-waarde en de aanslag onroerendezaakbelasting voor 2022 blijven gehandhaafd. Belanghebbende krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
De uitspraak is gedaan door rechter J.P.A. Boersma op 13 maart 2024 en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €136.000 wordt ongegrond verklaard en de aanslag OZB 2022 gehandhaafd.