Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.Het beslag
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
een gevangenisstraf van 36 maanden;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Op 22 december 2022 werden zeven verdachten aangehouden op een afgelegen parkeerplaats nabij de haven van Vlissingen, waar zij gereedstonden met duikuitrustingen en voertuigen om ongeveer 146,9 kilogram cocaïne uit de wierkast van een schip te halen. De rechtbank acht bewezen dat zij gezamenlijk en bewust handelden in het kader van verlengde invoer van cocaïne, een middel als bedoeld in de Opiumwet.
De bewijslast bestond uit onder meer camerabeelden, telefoongegevens, duikuitrusting, en verklaringen van verdachten. De verdediging voerde aan dat verdachte niet wist dat het om cocaïne ging en dat er sprake was van vrijwillige terugtred, maar deze verweren werden verworpen. De rechtbank concludeerde dat er sprake was van opzet en medeplegen, waarbij verdachte een belangrijke rol had als duiker.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van 36 maanden op, met aftrek van voorarrest, rekening houdend met de ernst van het feit, de professionaliteit van de organisatie en de maatschappelijke impact van drugssmokkel. Verdachte werd niet als kopstuk aangemerkt, maar wel als onmisbare schakel in de internationale drugssmokkelketen.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 36 maanden gevangenisstraf met aftrek van voorarrest voor medeplegen van verlengde invoer van cocaïne.