ECLI:NL:RBZWB:2023:3152
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beslissing over niet tijdig beslissen op bezwaar kinderopvangtoeslag en dwangsom
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen de definitieve afwijzing en herbeoordeling van haar kinderopvangtoeslag over de jaren 2006 tot en met 2009. Verweerder, de Belastingdienst/Toeslagen, heeft niet tijdig op deze bezwaren beslist, ondanks ingebrekestelling door eiseres.
De rechtbank oordeelt dat de termijn voor besluitvorming is overschreden en dat verweerder binnen een redelijke termijn alsnog moet beslissen. Vanwege het grote aantal bezwaren bij de Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen wordt een termijn van drie weken na verzending van dit vonnis als redelijk beschouwd.
De rechtbank stelt vast dat slechts één dwangsom verschuldigd is voor de samenhangende bezwaren en legt een dwangsom van € 100,- per dag op, met een maximum van € 15.000,-. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en proceskosten van eiseres.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en legt een dwangsom op aan de Belastingdienst wegens het niet tijdig beslissen op bezwaar.