Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
op 28 oktober 2022 te [plaats] , gemeente Roosendaal, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld [aangeefster] heeft gedwongen tot de afgifte van enig goed, te weten digitale en contante geldbedragen van - in totaal - 12.100 euro toebehorende aan die [aangeefster] , door die [aangeefster] dreigend een op een vuurwapen gelijkend voorwerp te tonen en tegen het hoofd te zetten en dreigend de woorden toe te voegen "Er is nu nog maar één mogelijkheid dat jij hier levend van dit chaletpark vandaan komt" en “Niemand gaat jou nog vinden als je niet meewerkt” en “we gaan je in het zuur leggen” en die [aangeefster] aldus te dwingen mee te werken aan het overmaken van geld via een bankapp naar de bankrekeningen van verdachte en haar mededader en vervolgens naar een pinautomaat te rijden en aldaar geld te pinnen en af te geven aan verdachte en haar mededader;
omstreeks 28 oktober 2022 te [plaats] , gemeente Roosendaal, tezamen en in vereniging met een ander, een wapen van categorie III onder 4 van de Wet wapens en munitie, te weten een alarm- c.q. startpistool (merk Kimar) voorhanden heeft gehad.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
8.Het beslag
9.De voorlopige hechtenis
10.De wettelijke voorschriften
11.De beslissing
een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;
voorwaardelijke deelvan de straf
niet ten uitvoerwordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast, omdat verdachte voor het einde van de proeftijd de hierna vermelde voorwaarden niet heeft nageleefd;
algemene voorwaarden:
bijzondere voorwaarden:
de tijddie verdachte voor de tenuitvoerlegging van dit vonnis
in voorarrestheeft doorgebracht
in minderingwordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf;