ECLI:NL:RBZWB:2023:2156
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verlies uit borgstellingen voor aanmerkelijkbelangvennootschappen op zakelijke gronden
Belanghebbende, enig aandeelhouder van meerdere vennootschappen, stelde zich borg voor betalingsverplichtingen van deze vennootschappen. De inspecteur weigerde het door belanghebbende opgegeven verlies uit deze borgstellingen fiscaal te erkennen, omdat de borgstellingen niet op zakelijke gronden zouden zijn aangegaan.
De rechtbank beoordeelde of de borgstellingen, gegeven ten behoeve van vennootschappen waarin een aanmerkelijk belang wordt gehouden, zakelijk waren. De inspecteur toonde aan dat de financiële situatie van de vennootschappen bij het aangaan van de borgstellingen slecht was, met negatieve vermogens en betalingsachterstanden. Hierdoor zou een onafhankelijke derde zich niet onder dezelfde voorwaarden borg hebben gesteld.
Belanghebbende kon onvoldoende concrete en verifieerbare informatie over positieve vooruitzichten overleggen. De rechtbank concludeerde dat de borgstellingen niet zakelijk waren en dat het verlies uit de borgstellingen niet ten laste van het resultaat uit overige werkzaamheden kan worden gebracht.
Het beroep tegen de aanslag en belastingrente werd ongegrond verklaard. Belanghebbende krijgt geen vermindering van de aanslag, geen teruggaaf van griffierecht en geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag inclusief belastingrente wordt gehandhaafd.