ECLI:NL:RBZWB:2023:174
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens onverschoonbare overschrijding bezwaartermijn bij aanslag inkomstenbelasting
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting 2020, maar diende het bezwaarschrift te laat in. De inspecteur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de wettelijke termijn van zes weken. Belanghebbende voerde aan dat hij vertrouwde op een massaal bezwaarprocedure voor eerdere jaren, maar dit werd door de rechtbank niet als verontschuldiging geaccepteerd.
De rechtbank oordeelde dat het beroep tegen het niet tijdig beslissen op bezwaar niet-ontvankelijk is omdat alsnog uitspraak op bezwaar is gedaan in de beroepsfase. Daarnaast is het beroep tegen de ambtshalve beslissing niet-ontvankelijk omdat eerst bezwaar moet worden gemaakt en de inspecteur niet akkoord ging met direct beroep.
Het verzoek om een dwangsom wordt afgewezen omdat het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk is. De rechtbank draagt de inspecteur op het beroepschrift als bezwaarschrift tegen de ambtshalve beslissing in behandeling te nemen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onverschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn en het verzoek om een dwangsom wordt afgewezen.