ECLI:NL:RBZWB:2023:1662
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring bezwaar tegen afname en verwerking DNA-profiel veroordeelde
De veroordeelde maakte bezwaar tegen het bepalen en verwerken van zijn DNA-profiel op grond van artikel 7 van Pro de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden. Hij stelde dat vanwege de bijzondere omstandigheden van het misdrijf, een incident zonder recidivegevaar, en zijn blanco strafblad, afname en verwerking niet noodzakelijk zijn. Tevens werd een beroep gedaan op artikel 8 EVRM Pro vanwege inbreuk op lichamelijke integriteit en privacy.
De rechtbank oordeelde dat het misdrijf waarvoor veroordeelde is veroordeeld (openlijk in vereniging geweld plegen en medeplegen van bedreiging) DNA-onderzoek relevant maakt en dat de Wet DNA een wettelijke grondslag biedt voor afname en verwerking. De persoonlijke omstandigheden en het ontbreken van recidive zijn onvoldoende om een uitzondering te rechtvaardigen.
Verder overwoog de rechtbank dat de inmenging in de persoonlijke levenssfeer door DNA-afname proportioneel en noodzakelijk is in een democratische samenleving, met voldoende waarborgen tegen misbruik. Het bezwaar werd daarom ongegrond verklaard. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de afname en verwerking van het DNA-profiel wordt ongegrond verklaard.