ECLI:NL:RBZWB:2023:142
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen last onder dwangsom voor exploiteren terras zonder vergunning
Eiser exploiteert een horecagelegenheid en plaatste een terras zonder de vereiste exploitatievergunning op een openbare plaats. De burgemeester legde een last onder dwangsom op en sommeerde eiser het terras te verwijderen. Eiser betwistte dit en voerde onder meer het gelijkheidsbeginsel aan en stelde dat andere ondernemers wel Covid-terrassen mochten exploiteren.
De rechtbank oordeelt dat eiser zonder vergunning het terras exploiteerde en dat de burgemeester terecht handhavend is opgetreden. Er was geen concreet zicht op legalisering en de last onder dwangsom was proportioneel en noodzakelijk ter bescherming van het algemeen belang. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat de situaties verschillen.
Ook het invorderingsbesluit van de verbeurde dwangsom wordt gehandhaafd. Eiser heeft geen bijzondere omstandigheden gesteld die invordering zouden moeten verhinderen en is een betalingsregeling overeengekomen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de opgelegde dwangsommen blijven in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de last onder dwangsom en het invorderingsbesluit wordt ongegrond verklaard en de opgelegde dwangsommen blijven in stand.