De zaak betreft een verzoek van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veere om een machtiging voor gesloten jeugdhulp voor een minderjarige te verlengen voor de duur van zes maanden. De minderjarige verblijft reeds in een gesloten accommodatie bij een zorginstelling vanwege ernstige psychische problemen, waaronder dwanggedachten en automutilatie.
De kinderrechter heeft de minderjarige, haar ouders, een gedragswetenschapper en vertegenwoordigers van het college gehoord. De minderjarige uitte haar wens om terug naar huis te gaan, maar erkent ook de aanwezigheid van dwanggedachten en de complexiteit van haar situatie. De ouders steunen het verzoek vanwege de ernstige lijdensdruk en het vertrouwen in de huidige behandelinstelling.
De kinderrechter constateert dat de situatie van de minderjarige verslechterd is door een eerdere problematische overplaatsing en dat zij intensieve één-op-één begeleiding nodig heeft die alleen in een gesloten setting kan worden geboden. Gezien de noodzaak van stabiliteit en voortzetting van de behandeling, wijst de kinderrechter het verzoek toe voor zes maanden, waarbij het college wordt opgedragen een passende vervolgplek te zoeken.
De beschikking is mondeling gegeven op 22 december 2022 en schriftelijk vastgesteld op 30 december 2022. Hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden na uitspraak of betekening.