ECLI:NL:RBZWB:2022:7948

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
27 december 2022
Publicatiedatum
28 december 2022
Zaaknummer
C/02/403184 / FA RK 22-5018
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:253q BWArt. 1:253r BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Benoeming van Nidos tot tijdelijke voogdij over alleenstaande minderjarige asielzoeker

De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 27 december 2022 een beschikking gegeven waarbij Stichting Nidos is benoemd tot tijdelijke voogd over een alleenstaande minderjarige asielzoeker uit Syrië. De minderjarige is samen met zijn oudere broer naar Nederland gekomen vanwege de oorlog in Syrië. De moeder verblijft in Turkije en is niet in staat het gezag uit te oefenen, terwijl de vader is overleden. De oudere broer, hoewel meerderjarig, wordt door Nidos als te jong beschouwd om de voogdij uit te oefenen.

De rechtbank baseert haar beslissing op de wettelijke bepalingen uit het Burgerlijk Wetboek, die voorzien in de benoeming van een voogd wanneer ouders niet in staat zijn het gezag uit te oefenen. Nidos heeft schriftelijk verklaard de voogdij te aanvaarden en de minderjarige heeft ingestemd met het verzoek zonder behoefte aan een mondelinge behandeling.

De rechtbank benadrukt het belang van voogdij, vooral gezien de gezondheidszorgen rondom de minderjarige, waaronder epileptische aanvallen en vermoeidheid. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten door belanghebbenden.

Uitkomst: Stichting Nidos wordt benoemd tot tijdelijke voogd over de minderjarige asielzoeker.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Team Familie- en Jeugdrecht
Middelburg
Zaaknummer: C/02/403184 / FA RK 22-5018
Datum uitspraak: 27 december 2022
beschikking betreffende voorziening (tijdelijke) voogdij,
in de zaak van
NIDOS JEUGDBESCHERMING,
kantoorhoudende te 3507 LA Utrecht, Postbus 13021,
hierna te noemen Nidos.
betreffende de minderjarige
[minderjarige], geboren te [geboorteplaats] , Syrië, op [geboortedatum] ,
hierna te noemen: [minderjarige] .
1. Het verloop van het geding
Dit blijkt uit de volgende stukken:
- het/de op 10 november 2022 van de hiervoor genoemde stichting ontvangen verzoek
c.q. kennisgeving, met bijlagen;
- de brief van Nidos van 21 december 2022;
- de brief van Nidos van 23 december 2022.

2.De beoordeling

2.1
Ingevolge artikel 1:253r lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) juncto artikel 1:253q BW benoemt de rechtbank een voogd indien één of beide ouder(s) al dan niet tijdelijk in de onmogelijkheid verkeert/verkeren het gezag uit te oefenen of indien het bestaan of de verblijfplaats van één of beide ouder(s) onbekend is. Gelet op lid 2 van artikel 1:253r BW is het gezag, dat aan één of beide ouder(s) toekomt, geschorst gedurende de tijd waarin een van de in het eerste lid bedoelde omstandigheden zich voordoet. Ingevolge artikel 1:253q lid 3 BW kan de rechtbank een voogd benoemen indien het gezag van de gezaghebbende ouder geschorst is. Nidos valt onder de in lid 4 genoemde verzoekers, waardoor Nidos kan worden ontvangen in het verzoek.
2.2
Op grond van de stukken staat het volgende vast. [minderjarige] is geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] , Syrië. De moeder van [minderjarige] is [moeder] . Zij verblijft in Turkije. De vader is overleden. [minderjarige] is op 6 oktober 2022 in Nederland aangekomen met zijn broer van 22 jaar oud. Hij is wegens de oorlog in Syrië naar Turkije gevlucht en vanuit daar met een smokkelaar meegegaan naar Griekenland om vervolgens via Macedonië en Servië in Nederland terecht te komen. [minderjarige] heeft zich bij de vreemdelingendienst gemeld als asielzoeker en zal voor langere tijd in Nederland verblijven. Ten tijde van indiening van het verzoek verbleef hij in [woonplaats 1] , momenteel verblijft hij samen met zijn broer in [woonplaats 2] .
2.3
Genoegzaam is komen vast te staan dat de moeder in de onmogelijkheid verkeert het gezag over [minderjarige] uit te oefenen en dat het gezag daarom is geschorst. Nidos heeft in de brief van 23 december 2022 toegelicht dat [minderjarige] en zijn broer weliswaar samen in Nederland verblijven, maar dat de broer te jong is om de verantwoordelijkheid te dragen over [minderjarige] . Er is daardoor niemand die belangrijke beslissingen over [minderjarige] kan nemen.
2.4
Vastgesteld wordt dat Nidos zich schriftelijk bereid heeft verklaard de benoeming tot voogdes te aanvaarden.
2.5
[minderjarige] heeft een akkoordverklaring ondertekend, waarin is verklaard dat hij akkoord gaat met het verzoek en dat hij het niet noodzakelijk vindt om opgeroepen te worden voor een mondelinge behandeling.
2.6
Gelet op de van toepassing zijnde wettelijke bepalingen, de bereidverklaring van Nidos van 10 november 2022 en de akkoordverklaring van [minderjarige] van 28 oktober 2022, zal de rechtbank overgaan tot benoeming van Nidos tot tijdelijk voogdes van [minderjarige] . De rechtbank vindt het namelijk belangrijk dat er in het belang van [minderjarige] beslissingen kunnen worden genomen over hem. Dit geldt te meer omdat Nidos heeft verklaard dat er zorgen zijn over de gezondheid van [minderjarige] (epileptische aanvallen). De medewerkers van de COA zien dat [minderjarige] er moe uitziet en afwezig lijkt te zijn in gedrag. Ook voor wat betreft de medische zaken is het dus belangrijk dat er iemand is die [minderjarige] kan helpen/begeleiden in het nemen van belangrijke beslissingen.

3.De beslissing

De rechtbank
3.1
benoemt over voornoemde [minderjarige] , geboren te [geboorteplaats] , Syrië, op [geboortedatum] , tot tijdelijk voogdes:
STICHTING NIDOS, gevestigd te 3581 CH Utrecht, Maliebaan 99;
3.2
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. B.J. Duinhof, kinderrechter, en uitgesproken ter openbare zitting van 27 december 2022 in tegenwoordigheid van mr. K.M.P. van Ginneke, griffier.
KG
Mededeling van de griffier:
Tegen deze beschikking kan voor zover het een eindbeschikking betreft hoger beroep worden ingesteld:
a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking is verstrekt of verzonden: binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
b. door andere belanghebbenden: binnen drie maanden na de betekening van de beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.
Het beroepschrift moet door tussenkomst van een procureur worden ingediend bij het gerechtshof te
's-Hertogenbosch.
verzonden op:

Voetnoten

1.In verband met deze procedure/ten behoeve van een juiste procesvoering worden uw persoonsgegevens, voor zover nodig, verwerkt in een systeem van het gerecht.