Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
- namens verzoekster, mr. Bronsveld;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Verzoekster diende een klacht in tegen de toediening van depotmedicatie in de thuissituatie zonder voorafgaande procedure volgens artikel 8:9 Wvggz Pro. Zij stelde dat zij zich verzette tegen de medicatie en dat de zorgaanbieder onrechtmatig handelde, wat recht gaf op schadevergoeding.
De klachtencommissie verklaarde de klacht niet-ontvankelijk omdat de medicatie als vrijwillige zorg werd beoordeeld. De zorgverantwoordelijke had verklaard dat verzoekster instemde met de medicatie en dat bij verzet geen toediening in de thuissituatie zou hebben plaatsgevonden.
De rechtbank bevestigde deze beoordeling na onderzoek van de medische verklaringen en rapportages. Verzoekster toonde op de dag van toediening geen verzet en stemde expliciet in met de medicatie. De rechtbank achtte de zorgverantwoordelijke zorgvuldig gehandeld en concludeerde dat de toediening binnen de zorgmachtiging viel en vrijwillig was.
Daarom werd de klacht ongegrond verklaard en het verzoek tot schadevergoeding afgewezen. De proceskosten werden gecompenseerd zodat elke partij de eigen kosten draagt.
Uitkomst: De klacht over onvrijwillige toediening van depotmedicatie wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot schadevergoeding afgewezen.