ECLI:NL:RBZWB:2022:5496
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken machtiging bij aanslag vennootschapsbelasting 2019
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de aanslag vennootschapsbelasting 2019 en de opgelegde verzuimboete. De gemachtigde van belanghebbende heeft bij het beroepschrift geen machtiging overgelegd waaruit blijkt dat hij bevoegd is om namens belanghebbende op te treden. De rechtbank heeft meerdere malen verzocht om het ontbreken van deze machtiging te herstellen, inclusief het overleggen van een uittreksel uit het handelsregister.
Ondanks deze verzoeken heeft de gemachtigde geen geldige machtiging kunnen overleggen. Uit het handelsregister blijkt onduidelijkheid over de bevoegdheid van de gemachtigde, mede doordat de laatst bekende bestuurder is overleden en opvolgende bestuurders zich hebben uitgeschreven zonder nieuwe benoeming. De rechtbank concludeert dat onvoldoende gegevens zijn verstrekt om vast te stellen dat de gemachtigde bevoegd is.
Op grond van artikel 6:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht verklaart de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter S.A.J. Bastiaansen op 23 september 2022 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een machtiging van de gemachtigde.