ECLI:NL:RBZWB:2022:5413

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
16 september 2022
Publicatiedatum
16 september 2022
Zaaknummer
BRE-21-5062
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:5 AwbArt. 8:54 Awb
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken machtiging en motivering bij bezwaar WOZ-waarde

De belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de bij beschikking vastgestelde WOZ-waarde van een pand in Waalwijk. De gemachtigde van de belanghebbende diende een beroepschrift in, dat door de heffingsambtenaar werd doorgestuurd naar de rechtbank.

De rechtbank beoordeelde het beroepschrift en constateerde dat het niet voldeed aan de vereisten van artikel 6:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Er ontbrak een schriftelijke machtiging omdat het beroepschrift niet mede-ondertekend was door de belanghebbende en niet was gebleken dat de gemachtigde advocaat was. Tevens ontbrak een motivering van het beroep.

De rechtbank gaf de gemachtigde meerdere kansen om deze gebreken binnen gestelde termijnen te herstellen, onder meer via een brief van 26 november 2021 en een aangetekende brief van 5 juli 2022. Ondanks deze waarschuwingen en de bevestigde ontvangst van de aangetekende brief, werden de verzuimen niet hersteld.

Daarom verklaarde de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk zonder zitting, conform artikel 8:54 Awb Pro. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 16 september 2022 door rechter S.A.J. Bastiaansen gewezen en openbaar gemaakt.

Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde is niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van machtiging en motivering.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Belastingrecht
zaaknummer: BRE 21/5062

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 16 september 2022 in de zaak tussen

[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende,

(gesteld gemachtigde: M. Tiangco),
en

De heffingsambtenaar van de gemeente Waalwijk, de heffingsambtenaar.

Procesverloop

De gesteld gemachtigde heeft gereageerd op de uitspraak op bezwaar van 28 september 2021 (de uitspraak op bezwaar). De heffingsambtenaar heeft deze e-mail aangemerkt als een beroepschrift en deze doorgezonden naar de rechtbank omdat de rechtbank bevoegd is de beroepen te behandelen. Het beroep heeft betrekking op de bij beschikking Wet waardering onroerende zaken vastgestelde waarde van het pand [adres] te ( [postcode] ) [plaats] met aanslagnummer [aanslagnummer] .

Overwegingen

Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. De rechtbank legt hierna uit waarom het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is.
Het beroepschrift voldoet niet aan wettelijke vereisten als bedoeld in artikel 6:5 van Pro de Awb. Ten eerste is bij het beroepschrift geen schriftelijke machtiging overgelegd. Dat had wel gemoeten, aangezien het beroepschrift niet mede-ondertekend is door de belastingplichtige en niet gebleken is dat de verzender van het beroepschrift advocaat is. Ten tweede bevat het beroepschrift geen motivering (geen “gronden”).
De griffier heeft de gemachtigde bij brief van 26 november 2021 de kans gegeven deze verzuimen te herstellen binnen vier weken na de datum van verzending van die brief. Dit verzoek is herhaald bij aangetekende brief van 5 juli 2022 met een laatste termijn van twee weken. Deze brieven bevatten de waarschuwing dat indien de verzuimen niet tijdig worden hersteld, de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk kan verklaren.
Volgens gegevens van Track&Trace van PostNL is de aangetekende brief afgeleverd op het door de gestelde gemachtigde opgegeven adres.
De gemachtigde heeft de verzuimen niet hersteld binnen de gestelde termijn en heeft de verzuimen nog altijd niet hersteld.
Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.A.J. Bastiaansen, rechter, in aanwezigheid van N. Plasman, griffier, op 16 september 2022 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De griffier, De rechter,
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.