ECLI:NL:RBZWB:2022:4159
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroepen niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht en afwijzing immateriële schadevergoeding
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de uitspraak op bezwaar van de ontvanger van de Belastingdienst inzake kosten voor betekening van dwangbevelen betreffende navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premievolksverzekeringen over 2011 en 2012.
De rechtbank verklaart de beroepen kennelijk niet-ontvankelijk omdat het griffierecht van €49,- niet tijdig is betaald. Belanghebbende heeft weliswaar een beroep op betalingsonmacht gedaan, maar dit is door de griffier afgewezen na meerdere verzoeken om betaling en onderbouwing. De rechtbank baseert zich op artikel 8:41 en Pro 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht.
Daarnaast is het verzoek om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke behandeltermijn afgewezen omdat deze termijn niet is overschreden. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 29 juli 2022 door rechter S.A.J. Bastiaansen.
Uitkomst: De beroepen worden niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdig betalen van het griffierecht en het verzoek om immateriële schadevergoeding wordt afgewezen.