ECLI:NL:RBZWB:2022:4078
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken van volmacht bij belastingverzuimboete
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een opgelegde verzuimboete bij de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen 2018. De inspecteur kwalificeerde de brief als beroepschrift en zond deze door naar de rechtbank. De rechtbank constateerde dat de gemachtigde bij het beroepschrift geen machtiging had bijgevoegd die aantoonde dat hij bevoegd was om namens belanghebbende op te treden.
De rechtbank verzocht de gemachtigde meerdere malen om binnen gestelde termijnen de machtiging te overleggen, onder meer via een aangetekende brief met een laatste termijn van twee weken en een waarschuwing dat bij uitblijven van herstel het beroep niet-ontvankelijk zou worden verklaard. Ondanks deze verzoeken werd geen machtiging ingediend.
Op grond van artikel 8:24 lid 2 en Pro artikel 6:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht verklaarde de rechtbank het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op www.rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een machtiging van de gemachtigde.