ECLI:NL:RBZWB:2022:3883
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroepen in belastingzaken 2015, 2016 en 2017
Belanghebbende heeft verzet ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank die zijn beroepen in belastingzaken over de jaren 2015, 2016 en 2017 niet-ontvankelijk verklaarde wegens termijnoverschrijding. De rechtbank heeft het verzet op zitting behandeld, waarbij belanghebbende niet is verschenen, maar correct was uitgenodigd.
De rechtbank oordeelt dat het beroep over 2016 ten onrechte niet-ontvankelijk is verklaard omdat het tijdig bij de Belastingdienst is ingediend en vervolgens naar de rechtbank is doorgezonden. Het verzet is daarom gegrond voor deze zaak. Voor de jaren 2015 en 2017 is het verzet eveneens gegrond omdat de rechtbank niet buiten redelijke twijfel kan vaststellen dat de beroepen niet-ontvankelijk zijn, mede vanwege aangevoerde medische omstandigheden die niet volledig in het dossier aanwezig zijn.
De rechtbank verklaart het verzet gegrond en herroept de buiten-zittinguitspraak, waarna het onderzoek wordt hervat en de zaken alsnog op zitting worden behandeld. Er worden geen proceskosten toegekend. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het verzet gegrond en hervat het onderzoek in de belastingzaken over 2015, 2016 en 2017.