Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[belanghebbende], gevestigd te [vestigingsplaats] ,
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen een naheffingsaanslag loonheffingen over het tijdvak 2016/2017. De rechtbank heeft belanghebbende schriftelijk geïnformeerd over de verschuldigdheid van het griffierecht van €360,00, inclusief een aangetekende herinnering met een termijn van vier weken voor betaling.
De aangetekende brief is volgens Track&Trace bezorgd op het opgegeven adres, maar betaling van het griffierecht is niet ontvangen. Op grond van artikel 8:41, zesde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) leidt het niet voldoen aan de griffierechtverplichting tot kennelijke niet-ontvankelijkheid van het beroep.
De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Tegen deze uitspraak staat binnen zes weken verzet open.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag loonheffingen wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.