ECLI:NL:RBZWB:2021:3232
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen navorderingsaanslagen wegens termijnoverschrijding
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen uitspraken op bezwaar betreffende navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen en de daarbij opgelegde boetes. De uitspraken op bezwaar zijn op 15 december 2020 verzonden en op 16 december 2020 ontvangen door belanghebbende. De wettelijke termijn voor het indienen van het beroepschrift bedroeg zes weken, eindigend op 26 januari 2021.
Het beroepschrift is echter pas op 3 februari 2021 bij de rechtbank ontvangen, waardoor het niet tijdig is ingediend. Belanghebbende voerde aan dat hij direct na ontvangst beroep had aangetekend en dat corona en de belastingdienst vertraging veroorzaakten, maar kon dit niet aannemelijk maken. De rechtbank oordeelt dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is en verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
De rechtbank benadrukt dat de beroepstermijn van openbare orde is en dat alleen bij verschoonbare overschrijding het beroep ontvankelijk kan worden verklaard. De procedurekostenveroordeling wordt niet opgelegd. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden ingesteld.
Uitkomst: Het beroep tegen de navorderingsaanslagen wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig indienen van het beroepschrift.