Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
een gevangenisstraf van 11 jaren;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Op 20 juni 2008 stak verdachte het slachtoffer driemaal met een mes, waaronder een fatale steek in de hals. Na het incident vluchtte verdachte en werd pas elf jaar later aangehouden en uitgeleverd aan Nederland.
De rechtbank verwierp het beroep van verdachte op (putatief) noodweer en noodweerexces, omdat de gedragingen van het slachtoffer niet als een ogenblikkelijke, wederrechtelijke aanranding konden worden beschouwd. Getuigenverklaringen ondersteunden het beeld dat het slachtoffer niet agressief handelde en dat verdachte de confrontatie opzocht en het mes gebruikte zonder afschrikking.
Verdachte werd wettig en overtuigend bewezen dat hij het slachtoffer opzettelijk van het leven heeft beroofd. Gezien de ernst van het feit, het lange tijd ontlopen van verantwoordelijkheid en het leed voor de nabestaanden, legde de rechtbank een gevangenisstraf van 11 jaar op. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van €7.500 aan de nabestaanden voor begrafeniskosten, vermeerderd met wettelijke rente.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 11 jaar gevangenisstraf voor doodslag en betaling van schadevergoeding aan nabestaanden.