Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
mocht of zou kunnen leiden:
veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om
aan [naam 2] opzettelijk
zwaar lichamelijk letsel toe te brengen
die [naam 2] met kracht met een mes in het aangezicht heeft gesneden/gestoken,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
heeft gedragen, te weten (zak)mes (Gamma stainless), in elk geval een
voorwerp, waarvan, gelet op de aard of de omstandigheden waaronder dat
bestemd om letsel aan personen toe te brengen, of te dreigen en dat niet onder
een van de andere categorieën viel;
daarin in de Wet wapens en munitie betekenis is gegeven, geacht in dezelfde
betekenis te zijn gebezigd.
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de zitting van 30 januari 2019; [1]
- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de zitting van 30 januari 2019; [5]
of omstreeks05 augustus 2018 te Vlissingen
of omstreeks05 augustus 2018 te Vlissingen
met krachtmet een mes in het gezicht te snijden/steken;
of omstreeks05 augustus 2018 te Vlissingen, een wapen van categorie IV
heeft gedragen, te weten (zak)mes (Gamma stainless),
in elk geval eenvoorwerp,waarvan, gelet op de aard of de omstandigheden waaronder dat
bestemd
om letsel aan personen toe te brengen, ofte dreigen en dat niet onder
een van de andere categorieën viel;
daarin in de Wet wapens en munitie betekenis is gegeven, geacht in dezelfde
betekenis te zijn gebezigd.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
De rechtbank houdt daar in strafverzwarende zin rekening mee.
Deze beïnvloedde zijn gedragskeuzes ten tijde van het tenlastegelegde.
7.De benadeelde partijen
8.Het beslag
9.De vorderingen tot tenuitvoerlegging
10.De wettelijke voorschriften
11.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het onder 2 primair tenlastegelegde feit;
een gevangenisstraf van 15 (vijftien) maanden;
terbeschikkingstellingvan verdachte en stelt daarbij als
voorwaarden:
* verdachte meldt zich op afspraken bij de reclassering. De reclassering bepaalt hoe vaak dat nodig is.
betaling van een geldboete van € 220,00 (tweehonderdtwintig euro);
vervangende hechteniszal worden toegepast van
4 (vier) dagen;
ten uitvoer zal worden gelegd, te weten 50 dagen jeugddetentie;
gevangenisstraf voor de duur van 50 dagen.