Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Beslissing
2.Gronden
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Belanghebbende maakte bezwaar tegen aanslagen inkomstenbelasting en Zvw over 2015, die door de inspecteur niet-ontvankelijk werden verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn. De rechtbank oordeelt dat het bezwaarschrift niet tijdig was ingediend en dat geen verschoonbare omstandigheden zijn aangevoerd, waardoor de niet-ontvankelijkverklaring terecht is.
Wel verklaart de rechtbank het beroep ontvankelijk voor zover het ziet op de ambtshalve vermindering van de aanslagen. De inspecteur heeft uit eigen beweging de aanslagen verminderd tot een belastbaar inkomen van €12.000, gebaseerd op de bijstandsnorm, omdat de uitnodiging tot aangifte naar een verkeerd adres was gestuurd. Belanghebbende stelde slechts dat hij geen inkomsten had en door zijn vader werd onderhouden, maar dit was onvoldoende onderbouwd.
De rechtbank acht het aannemelijk dat belanghebbende in 2015 inkomsten uit arbeid had, gelet op zijn leeftijd en het ontbreken van een andere redelijke bron van levensonderhoud. De hoogte van €12.000 wordt als een aanvaardbare schatting gezien. De verzuimboete wordt vernietigd en het betaalde griffierecht wordt aan belanghebbende vergoed. Verzoeken om uitstel van betaling en verkoop van in beslag genomen auto worden niet behandeld omdat deze onder de bevoegdheid van de ontvanger vallen.
Uitkomst: Aanslagen IB/PVV en Zvw verminderd tot een belastbaar inkomen van €12.000 en verzuimboete vernietigd.